Van ideaal beeld naar verlangen

 

“Ik heb nog een aantal dingen te bespreken. Voor de rest lukt het steeds beter om minder te oordelen en meer los te laten. Dat geeft rust”.

Zo begon onze sessie op de heide. We zouden elkaar binnen treffen, maar de zon nodigde ons uit om te wandelen. “Wat een goed idee!” , zei mijn cliënt (verder genoemd Ton) toen ik hem bij de ingang van de heide de hand schudde.

 

Burn-out

Na een fikse burn-out en een re-integratie traject bij een ander bedrijf die niet tot vaste aanstelling leidde, kwam Ton gedesoriënteerd en somber bij me aan een aantal maanden terug. Zijn droombaan had hij op moeten geven nadat hij heel ziek was geweest.

Gewend om altijd door te gaan had hij zich laten bijscholen en was hij vol moed aan een nieuwe carrière begonnen. Totdat hij opgebrand thuis kwam te zitten.

De tijd was gekomen om verlies te verwerken en vanuit zijn gevoel weer nieuwe keuzes te maken op werkgebied. Hij had verstandelijk gekozen voor dit nieuwe bedrijf, maar rouwde eigenlijk nog om zijn verloren carrière. Dat blokkeerde hem in het kiezen van een nieuwe professionele richting. Dus, plek geven aan zijn rouwproces vervolgens herstellen van de burn-out klachten en een nieuwe weg inslaan. Dat werd de focus.

 

Meer rust

Een half jaar verder is Ton voor het grootste gedeelte hersteld. Hij kan meer rust voelen in het rouwen om de verloren baan en voelt de ruimte om zich te focussen op een nieuwe baan. Volgens zijn oude patronen, of het ego zoals ik het noem, moet de nieuwe baan voldoen aan een ideaal beeld. Ik vraag Ton om iets op de heide aan te wijzen wat dat ideaal beeld dan symboliseert. Hij wijst een grote, perfect gevormde boom aan.

“Dat is een boom die ik als kind zou tekenen” zegt hij. “Helemaal in evenwicht qua maat en vorm”.

De boom staat midden op de heide, dus het heeft het goed overzicht over wat er gebeurt.

“De andere bomen zijn ook mooi, maar die kun je niet helemaal zien. Ik wil graag goed kunnen zien hoe iets zit”.

 

Adelaar

Ik vraag hem of hij die boom zou willen zijn. “Nee”, is het antwoord. “Het ziet er perfect uit, maar is een beetje saai. Het staat daar maar en wisselt van bladeren elk jaar”.

“Ik wil een adelaar zijn”. “Vliegen door ruige bergen, vrij zijn, overzicht hebben en niet gebonden zijn aan 1 plek. Behalve mijn nest”.

 

Normaal gesproken vliegen er veel roofvogels boven de heide, maar vandaag zien we er geen. Dat merkt Ton ook op. Zijn adelaar is nog niet in zicht. Ik vraag: “Wat is er nodig om hem te voorschijn te laten komen”?.

Ton vertelt over de geluidsoverlast die hij ervaart van de buren. Dat is momenteel een groot probleem voor hem. We blijven symbolisch bij de adelaar en concluderen dat het nest nog niet op orde is. En zolang dat zo is, zal de adelaar zich ook niet vrij voelen om te vliegen, jagen, ondernemen. Hij moet eerst de basis waar hij zich veilig en ontspannen kan voelen verzorgen en stevig maken.

 

Focus

Ton weet wel dat hij niet gaat verhuizen terwijl hij nog geen baan heeft. We spreken af dat hij zijn eerste focus op zijn woonomstandigheden richt. En ook daarin zijn ideaalbeeld loslaat. Werken met wat er is. Wanneer er rust is, kan hij bewuster gaan genieten. Wanneer er geluidsoverlast is, richting een keuze maken.

Eerst maar eens blijven waar hij is en een eigen geluid maken. Op zijn plek blijven en een koptelefoon opzetten of even op stap gaan: een keuze maken. Actieve mindfulness noem ik dat. In het moment zijn en een beslissing nemen waar je achter blijft staan. Evalueren en opnieuw een keuze maken.

Niet in een ideaalbeeld blijven hangen, maar als een adelaar telkens de juiste thermiek voor zijn vleugels opzoeken.

 

 

De Buitenpsychologen/Irina Poleacov

 

De Buitenpsychologen over Wandeltherapie in de Metro

Lees hier het artikel wat onlangs is verschenen in de Metro over Wandeltherapie.

www.metronieuws.nl

De natuur helpt mee

Het regende vandaag en de overweging om binnen te gaan zitten met cliënten stak de kop op. Eenmaal buiten en in het park was ik om. Mijn eerste cliënte, ik noem haar Suzanne, liep ontspannen met een groot paraplu op me af. Slecht weer bestaat niet, alleen slechte kleding blijkt maar weer.

In het hoofd

Tijdens het lopen vertelt Suzanne over de afgelopen periode. Ze is een prater en kan heel goed zichzelf en de ander analyseren. Dat weet ze van zichzelf en ze wil dat minder doen.
Minder denken, meer zijn. Minder analyseren, meer voelen en daarbij kunnen blijven.
Ik leid haar langs een klein paaltje die aan de rand van een grasveld staat. Een tijd terug vroeg ik haar hoe ze zich voelde en of ze iets in de omgeving zag wat dat representeerde. Ze koos dat metalen paaltje uit wat onlogisch uit de grond stak. Uit een overvloed aan groen, beweeglijk en  levend spul, sprak dat paaltje haar het meest aan.
Zo voelde ze zich. Klein, onnatuurlijk, niet op haar plaats, verloren. Toen ik haar vroeg hoe ze zich zou willen voelen, wees ze een drinkfontein voor honden aan. Het was een mooi, groot en glanzend ding met een duidelijke functie.
Ze moest er zelf om lachen, maar voelde ook de pijn van zo in haar hoofd en ego zitten, dat ze zich niet met iets levends kon verbinden.

Gevoel

Vandaag voelt ze helemaal niks meer bij het paaltje en drinkfontein. Ze wijst een grote en rechte boom die tussen meer grote en rechte bomen staat, aan. Zo voelt ze zich en zo wil ze zich ook voelen. Autonoom en toch verbonden. Suzanne ziet ook een boom die voor haar stamgezin staat, de man waar ze van houdt en voor haar zelf over 20 jaar. Dat raakt.
Ze ziet de worsteling van haar dierbaren in de manier waarop de bomen opgebouwd zijn.
Ze voelt het verlangen om hen ook mee te trekken naar haar autonome familie van rechte bomen. En ze voelt respect en ontzag voor die enorme en krachtige boom die ze over 20 jaar wil zijn.

Kijken

Ik nodig haar uit om bij haar boom te gaan staan. Dat geeft een heel ander gevoel. Ze ervaart rust en kan de verhoudingen tussen de bomen beter bekijken. Het is zichtbaar hoe ze allemaal naar het licht toe groeien, rekening houdend met elkaar. De gesnoeide takken voelen als ballast wat afgeworpen is om ruimte te maken voor de groei van zichzelf en de ander. Vanuit deze positie ziet ze ook de kracht van haar dierbaren. Ze redden zich op hun manier. Dat hoeft ze nog goed te keuren nog af te wijzen.

Richting toekomst

Als we bij haar toekomstboom staan verandert het uitzicht weer. Ze lijkt minder te denken en meer te observeren. Nieuwsgierig waarnemen hoe de wereld eruit ziet als je zo groot, sterk en stevig geworteld staat. Er zijn nog steeds dierbaren die worstelen, emoties die komen en gaan en het leven dat gebeurt. Kan zij nieuwsgierig en open blijven, geworteld en autonoom het leven aan gaan? Daar is ze steeds meer van overtuigd. En als ze twijfelt, kan ze altijd tussen haar bomenfamilie gaan staan.